Voorwaardelijke invrijheidstelling zorgt voor een geleidelijke overgang van detentie naar de vrije samenleving. Doordat de veroordeelde onder reclasseringstoezicht staat, wordt de kans op recidive tijdens de proefperiode beperkt. De voorwaardelijke invrijheidstelling is in de plaats gekomen van de vervroegde invrijheidstelling, waarbij veroordeelden automatisch vrij kwamen na tweederde van hun straf.
Aan de nieuwe regeling is de voorwaarde verbonden dat de veroordeelde tijdens de proeftijd geen strafbare feiten pleegt. Daarnaast zijn aan de voorwaardelijke invrijheidstelling bijzondere voorwaarden te verbinden. Deze kunnen uiteenlopen van een contact- of locatieverbod tot een verplichting om een bepaalde cursus of behandeling te volgen. Ze zijn afgestemd op de veroordeelde, het gepleegde delict en eventuele bij hem geconstateerde criminogene factoren. Bijzondere voorwaarden helpen het risico van recidive te verminderen en eventuele slachtoffers te beschermen.
| Risico ten tijde van voorwaardelijke invrijheidstelling | Aard van de voorwaarden |
| Gering risico | Uitsluitend algemene voorwaarde |
| Substantieel risico, geen voorafgaand TR-traject | Algemene voorwaarde + bijzondere voorwaarden gericht op risicobeheersing tijdens proefperiode |
| Substantieel risico, wel voorafgaand TR-traject | Algemene voorwaarde + bijzondere voorwaarden tevens gericht op gedragsbeïnvloeding |