Statische en dynamische kenmerken en omstandigheden van personen en hun omgeving die bepalend zijn voor de mate waarin zij crimineel gedrag vertonen. De RISc onderscheidt de volgende criminogene factoren:
- Delictgebieden (criminele carrière)
- Huidig delict
- Huisvesting en wonen
- Opleiding, werk en leren
- Inkomen en omgaan met geld
- Relaties met partner, gezins- en familieleden
- Relaties met vrienden en kennissen
- Druggebruik
- Alcoholgebruik
- Emotioneel welzijn
- Denkpatronen, gedrag en vaardigheden
- Houding